Hang- en sluitwerk

Hang- en sluitwerk

Hang- en sluitwerk

Hang- en sluitwerk

hang- en sluitwerk is een verzamelnaam van alle materialen en producten die gebruikt worden bij deuren en ramen of te hangen, te openen of te sluiten.

Hang- en sluitwerk

Het hangwerk
Het hangwerk beslaat alle onderdelen waaraan de beweegbare delen van ramen en deuren hangen. Een ouderwets stuk hangwerk is het gehang: een scharnier met lange vleugels, dat de deur in zijn greep hield. Het werd vroeger als siersmeedwerk opgelegd op zware deuren en is nog steeds gewild. Voor het beweegbaar maken van ramen en deuren, zoals het draaien, kiepen en tuimelen worden scharnieren (fitsen) toegepast. Het afhangen geschiedt met twee, drie of soms vier scharnieren per beweegbaar onderdeel. Scharnieren zijn leverbaar in diverse uitvoeringen. Zwaardere deuren moeten afhangen aan kogelscharnieren.
Het betere scharnier is van koper of roestvast staal met nylon lagers. Paumelles zijn voorzien van bronzen ringen of kogellagers. In elk geval dient elk scharnier gegalvaniseerd te zijn en voorzien van een koperen pen. Voor binnendeuren zijn scharnieren met een losse pen beschikbaar, wat het afhangen eenvoudiger maakt. Een oploopscharnier zorgt ervoor dat de deur vanzelf weer sluit. Hierbij kan de snelheid van het sluiten eenvoudiger worden geregeld. Uiteraard verleent ook de welbekende deurdranger diensten wat de zelfsluitbaarheid betreft, evenals de vloerpot en de vloerveer.
Een schuifdeur hangt aan hangrollen of looprollen, meestal van nylon, wat de geluidsproductie vermindert. Betere kwaliteit ľ lees duurder ľ beslag levert op den duur winst op. Het uitzakken van ramen en deuren blijft minimaal, wat tochtverschijnselen weert en inbraak bemoeilijkt.

Het sluitwerk
Onder het sluitwerk wordt onder andere verstaan: sloten, krukken, draaiknoppen, raamboompjes, grendels, schuiven, sluitplaten, raamuitzetters, en espagnoletten. Het sluitwerk van deuren bestaat meestal uit een slot, bediend door een kruk of een knop. Veelvoorkomende sloten zijn: het oplegslot voor ˇp de deur, en het insteekslot dat in het slotgat van de deur is aangebracht. Het insteekslot is weer onder te verdelen in: een loopslot zonder sleutel, een kastslot (snapslot), een kamerdeurslot en speciale buitendeursloten.
Wat veel wordt toegepast is een meer-puntssluiting: de deur is bijvoorbeeld op drie plaatsen (onder, boven en in het midden) te vergrendelen door eenvoudigweg de sleutel om te draaien. Een klavierslot heeft een aantal klavieren, dat alleen door de juiste sleutel te bedienen is. Dit in tegenstelling tot de zogenaamde seriesluitingen, waarbij meerdere deuren met ÚÚn sleutel zijn te openen. Het bekende cilinderslot bevat een aantal sluitstiften en is moeilijk te forceren. Het hier weergegeven assortiment hang- en sluitwerk is overigens verre van volledig.